Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Maurits.

194 GESCHIEDENIS

Koningin van Engeland toehouden. Hij gaf het hevel aan zijn Schoonbroeder Wingfield , die de Stad aan Prins Maurits weigerde overteleveren, zeggende, dezelve voor zijne Meefteresfe , de Koninginne van Engeland , te bewaaren. Het muiten hieldt aan, en men kreeg lïerk vermoeden, dat men wederom met den Spanjaard handelde. Hierop werd, in Lentemaand des jaars MDLXXXIX , beflooten, deeze Stad, zo wel als Medenblik, te belegeren. Maurits , het gemelde weigerend antwoord des Engelfchen Bevelhebbers gekreegen hebbende , liet alle de toegangen bezetten , en zeventien Bukken Gefchuts planten. Welhaast kreeg men in Engeland de tijding van dit beleg , die zeer vreemd in de ooren klonk. Wïllougby, die zich toen ten Hove in dat Rijk bevondt, fchreef, dat de Stad, binnen veertien dagen, aan Parma zou geleverd worden, indien men der Bezettinge geen beter voldoening gave. Prins Maurits befchoot Geertruidenberg heftig , en dreigde , ftormenderhand, hetzelve te zullen veroveren: de bezetting voorkwam dit door eene looze onderhandeling , welke zij zo lang wist te rekken, dat Parma met zijn Leger zich omtrent de Stad vertoonde. Maurits moest het beleg opbreeken, en Parma werden de Poorten geopend. De Algemeene Staaten , met regt hooglijk vergramd over zulk eene trouwloosheid, gaven een fcherp Plakaat uit, bij 't welke de Overleveraars van Geertruidenberg, of Bergverkoopers , geHjk men ze noemde , met naame aangeduid , voor doodfchuldi-

ga

Sluiten