Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

bes NEDERLANDEN. 333

3, verdeeldheden, welken natuurlijk daaruit moeten »» ontftaan. Niets zal gemaklijker vallen , dan die „ onééuigheden aanteftooken door giften en orokooj, pingen , wel gewild bij winstgraage Ingezetenen. h Het Volk, geduurende hetBeltand, vanhetdruk„ kend bezwaar der Oorlogsbelastingen ontheven, „ zou dezelven , als de Oorlog op nieuw begon, „ niet willen opbrengen. De tijd herriep altoos in »i den geest der Volken hunne oude zugt tot eene „ Koninglijke Regeering: zij zouden 'er kragtig op gefteld weezen, wanneer het Befland hun de ge„ legenheid, om dezelve te haaten, zou ontnomen „ hebben. En, zo ras ze onderworpen zijn, zal „ Philips, met voordeel , zijne wapenen kunnen „ wenden tegen Frankrijk , uitgeput door binnen,, landfche Oorlogen, of tegen Engeland), verzwakt j, onder het bewind eener Koninginne , die nooit ,, oorlogt, dan uit vreeze (*)." Justus Lipsius, beroemd Hoogleeraar te Leuven , verdeedigde zeer Berk dit laatfte gevoelen in een Brief, nog in weezen (f).

Maar de Spanjaarden , en die hun aanhingen, lachten met alle deeze voorfiagen van verzoening, en hielden het gevaarlijk, met Wederfpannelingen te handelen, die, blijkbaar, niets anders zogten , dan Onderdaanen, den Koning getrouw, tot hunne partij overtehaalen: men behoorde, huns oordeels, op

niets

(*) Bor, XXXII. B. bl.28. Grotii #//?. p.sio-213. (t) Bor, XXXII. B. bl. 2, IV. Deel. 2. St. K

Maurits.

Sluiten