Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

der. NEDERLANDEN. 387

te verdeelen, en de banden, die de Leden verknogt hielden , te verbreeken. Zij maakten gebruik van hun regt, bij de overgaave der Stad aan de Bondgenooten bedongen, om, wanneer 'er eenig gefchiltusfehen de Groningers en de Ommelanders ontftond, hetzelve geregtlijk aftedoen en te beflisfen, door te verklaaren: ,, dat de Stad en de Ommelanden te za3, men ééne Heerlijkheid en Landfchap zouden uitmaaken, en door de gezamenlijke Staaten van Stad j, en Lande geregeerd worden. Dat men zaaken van „ groot gewigt in eene algemeene Landfchapsverga„ dering zou afhandelen: de overigen door Gemag„ tigden der Staaten. In 't ftemmen zou de Stad „ voorgaan; doch anders geen gezag boven de O». „ melanden hebben ," met meer bijzondere bepaalingen. — Dan men hieldt zich aan deeze uhfpraak zo ftipt niet, of men zag dit twistvuur wel eens weder ontbranden (*). — Tusfehen het Gewest van Stad en Lande en de andere Veréénigde Gewesten was onlangs ook een gefchil gereezen over 't aandeel in de gemeene Lasten : 't zelve gelaaten zijnde aan de Stadhouderen Maurits en Graaf Willem Lodewi[K, hadden deezen gevonnisd, dat Stad en Landt zestienduizend en vijfhonderd Guldens moest opbrengen , zo menigmaal Holland, Zeeland, Utrecht

en

(*) Bor, XXXII. B. bl.p. XXXIV. B. bl. g. Grotii Hifi. p. 281. 282. Ferkl. der Unie, I. D. bl. 128. II. t>. bl. 285.

E 4

MAURlfK.

Sluiten