Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

der NEDERLANDEN. 459

Eene zo zonderlinge verdeediging , uit woorden beltaande , door daaden gelogenltraft , verdiende geene wederlegging; doch, dewijl alles was ingerigt, om de fchuld op de Staaten te werpen, gaven zij een Verweerfchrift in 't licht : in 't zelve betuigende, „ dat zij geene Plaatzen in Duitschlandhaódenweg„ genomen, dan om te beletten, dat zeniet in han„ den der Spanjaarden vielen. Zij hadden nietver,, wijld met dezelven te ontruimen , nooit verzuimd „ hun Krijgsvolk te betaalen, en 't zelve onder eene „ ftrenge krijgstugt te houden. Nimmer was ie„ mand door hun , ter oorzaake van Godsdienst„ belijdenisfe, vervolgd." Wat Schenkenfchans bt% trof, beloofden zij, zorge te draagen , dat die van Gelderland geene Middelaars zouden weigeren. Voorts lieten zij, in dit Vertoog, niets achterwege, óm affchrik te verwekken van de heerschzugt, wreedheid , dubbelhartigheid en bijgeloovigheid der Spanjaarden, en alle Kreitzen des Rijks tot het opvatten der wapenen te noopen (*). Zij zogten

eene algemeene verbintenis tegen den Spanjaard te bewerken; doch de verdeeldheid tusfchen de Rijksvorlten belette zulks. Dè Keizer en de meelte Catholijke Staaten waren tegen den Krijg. De Keurvorst van de Palts, de Landgraaf van Hesfen , de Hertog van Brunswijk, en verfcheide anderen, (tonden aan 't hoofd der genen , die zich voor her aangorden der wapenen verklaarden. Nieuwe onéénig-

heden

O'Reyd, XVI. B. bl. 370.

Maurits.

Verweerfchrift der Staaten tegen de befchuldiging der Spanjaarden.

Sluiten