Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

36 GESCHIEDENIS

Maurits.

van 't Beftand raadde, nooit zijne belangen zo verre zou vergeeten, dat hij hulpe zou weigeren , indien de Oorlog weder ontllak. Zelfs liet hij zich overhaa'en, om openlijk tegen het Beftand uirtekomen, en deedt het niet alleen in ronie woorden , maar ook bij eenen Brief, aan de Steden van Holland gerigt, in welken hij alle de reeds door hem bijgebragte en bove i vermelde redenen nader aandringt: en daarenboven beweert, „ dat de Landen, middelerwijl,

geen verzekerden Vrede hebbende, met de lasten ,, des Krijgs zouden bezwaard blijven. Dat denee,, ring verloopen zou , vooral die aan den Oorlog „ vast was, en wel een derde gjdeelte der lngeze3, tenen voedde. Onze dappere Krijgslieden zouden

na elders vertrekken , om roem en buit te behaa„ len. De laagenleggende dubbelzinnigheden en ,, knibbelaarijen der Span aarden weezen genoeg-

zr>am uit, dat zij trouwlooze oogmerken koester,, den. Hadden zij een opregt verlangen , om af„ ftand te doen van hunne voorgewende eifchen,

zij zouden op niets anders bedagt zijn , dan om ,, een goeden en beftendigen Vrede te fluiten. Kun^ nen wij ftaat maaken op de erkentenis der Aards„ hertogen, dieniet dan Leenmannen van Spanje „ zijn. 't Is waar , de zegepraal onzer Vrijheid „ wordt door "t Heelal erkend. Doch hebben wij „ niet noodig, dat dezelve erkend worde op eene „ plegtige en ftaatlijke wijze, ten einde alle buiten„ landfche Mogenheden ons houden voor vrij en „ onafhanglijk, en het Volk verzekerd zij, dat het

» g«ene

Sluiten