Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ttfAURITS.

JMogin-

gen van

Jeannin

ter- ba-

gwifti-

$ing der

jfcsamsch-

fatholij-

tev.

GESCHIEDENIS

Goud en Zilver, gebragt worden. De Stad Mondt borg voor de daar weggelegde Goederen, en mogten dezelven niet in beflag genomen worden. Men kon 'er allerlei Speciën verwisfelen, met zeer weinig toetegeeven. Deeze Bank gaf gemak en zekerheid in den Handel, boodt den Rijkbemiddelden eene veilige bewaarplaats hunner fchatten aan, en verfchafte aan Amfterdam het voorregt, om de waarde der vreemde Geldfpeciën te regelen naar die deezes Lands. Zeer veel verfchilt deese Bank van die te Lenden, omtrent eene Eeuw laater opgerigt: zij heeft altoos het Geld daadlijk in kas, en dus een onwankelbaar Geloof (f). ' •

Jeannin deedt, voor zijn vertrek, eene laatfle pooging ten beste der Roomschgezinde lnwoonderen deezer Gewesten. Hoe meer hij getragt hadt , hun lot in deeze Landen te verzagten , hoe hrenger zij behandeld waren. Maurits volgde hier geene edelmoedige beginzelen , maar de inboezemingen eener achterdogtige Staatkunde. Van het fluiten van het Beftand, was men ftrenger ten hunnen opzigte dan voorheen: die Prins, hoe Kerkwerkend een drijfveer de Godsdienst was op de gemoederen des Volks, oordeelde, nevens anderen, dit noodig, om te voorkomen , dat het groot aantal Roomschgezinde Burgers het oog niet na Spanje wendden , of 't zelve floegen op zijnen oudften Broeder. Deeze zo lang

on-

(*) Wagenaar Amft. IX. D. bh 432. Riehesfe de la Hollande, Tora. tl.

Sluiten