Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Mauiuts.

Te Utrecht.

l3a GESCHIEDENIS

Stadhouder, Graaf Willem Lodewijk , vermaan* de , op 't einde deezes jaars , den afgezondenen Staaten, „ zorge te draagen voor dergelijke moei„ lijkheid, de ontflaagene Wethouders te vrede te '„ (tellen , en , voor alle dingen, te verhinderen , 3, dat 'er geen Spaanschgezinden, Papisten, omge„ kogte en andere Vijanden van den Staat in het „ bewind raakten." Men twijfelt niet, of hij bedoelde met deeze laatften de zodanigen , die de ge. voelens van Arminius waren toegedaan (*).

Binnen Utrecht btak een Oproer los, van meer nafleeps. Een Oud-Burgemeefter, Dirk Kanter, een Man van bekwaamheid en welfpreekenheid, maar van eenen onrustigen aart, hadt men van 't Burgemeefterlijke kusfen geweerd , en van andere Regeeringsposten ontzet. Deeze eerzugtige Man, het Amptloos leeven wars, en na de oude Waardigheid haakende, dagt daar toe te komen, doorliet Volk tot ophand aantezetten. De omftandigheden begunstigden deezen toeleg. Zints eenige jaaren , was de Gemeente misnoegd geweest op de Regeering, morrende, dat zij gebukt ging onder een pak van Belastingen , die men niet ten algemeenen oirbaar befteedde ; dat zij, beroofd van hunne Voorregten , onder de dwinglandij der Regenten zugtte. Kanter ftookte dit fmeulend vuur van misnojegen aan : en, om de Leeraars in zijn belang te trekken , betoonde

hij

(*) Winsemius Chron. bl. 894-896. Van derSande, bh'57. Meteren, XXXI. B. f. 595.

Sluiten