Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Maurits.

Verbindt zich nauwer aan den Koning van Engeland,

IÖI3-

j8o GESCHIEDENIS

te Alkmaar (*). Als hij bemerkte , dat ze gerugfteund wierden door den Koning van Engeland, liet hij zijne gunfle duidelijker blijken. Hij beklaagde zich , dat Uitenbogaard hem bedroogen hadt, ten opzigte van Vorstius , dien het hem berouwde befchermd te hebben. Willem Lodewijk. , Stadhouder van Friesland, zette hem aan, om zich tegen hun, of de Regenten , die hun onderheunden, te verklaaren (f).

't Is waarfchijnlijk , dat deeze omftandigheden niet weinig toebragten , om hem nader aan Koning Jacobus te verbinden: en deeze Vorst zelve bemerkte de noodzaaklijkheid , om in goede verhandhouding met Maurits te leeven. Hij wilde den Prins door een allerzigtbaarst gunstbetoon aan zich verpligten. Op den twaalfden van Wintermaand des jaars MDXII, hieldt hij eene aanhelling van Ridders in de Ridder-orde van den Kousfeband; hier toe Maurits benoemende , nevens den Keurvorst van den Palts, die Elizabeth, zijne éénige Dogter, zou trouwen;

Neef van Maurits. De Kousfeband werd,

vervolgens, door een Engeifchen Afgezant Maurits aangeboden en omgedaan , 't welk met veel haatfy gefchiedde. Hoewel de Franfche Afgezant, te deezer gelegenheid, met veel onderfcheidinge behandeld wierd, zag hij met geen onverfchillig oog deeze nieuwe

(*) Zie dit ons Tafereel, hier boven. ) Brandt Reform. II, D. bl. 206,

Sluiten