Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

der NEDERLANDEN. 223

die grijze Staatsman, met eene Vaderlandslievende ongerustheid, „ men zoekt blijkbaar Scheuring aan„ terigten ; de Staat waggelt'; uwe Hoogheid zal ., zeker het openbaar Gezag, 't welk op veele plaat„ zen gehoond en vcragt wordt, onderfchrancen." Maurits lcheen eenigzms verzet, en verklaarde, zich onzijdig te willen houden, en geen deel te willen neemen in dat (lag van twisten. Dan, hij ontdekte zich nader aan Uitknbogaard , met te betuigen , dat het goed zou weezen, aan elk der Partijen eene bijzondere Kerk te vergunnen (*).

De Contra ■ Remonftranten, verzekerd van 's Prinfen geneigdheid hunwaards, zogten die, op allerlei wijzen, te verherken. Triglandus , ée'n der geweldigfle drijveren , vervoegde zich bij den Prins, om hem een Boek optedraagen: en, het gefpiekgewend hebbende op de zweevende gefchillen, betuigde hij den Vorst: „ Het is een jammerlijk ding, dat „ de Magiftraaten zich hebben laaten befmetten met ,-, het gif tier Arminiaanfche Ketterije , en niet op„ houden de zodanigen te verdrukken , die eeu?n „ waaren Godsdienst volgen. Stondt het onsflegts „ vrij , dien te oefenen in bijzondere Huizen of

„ Schuinen!" Hoe, hervatte Maurits , vol

vuurs, zouden de waare Gereformeerden gedwongen

worden, God in Schuuren te dienen? „ 'tls,"

hervatte de flimme Leeraar , ,, een groot ongelijk, 3, 't welk men ons aandoet ; doch men moet het

„ ver-

(*) Uitenbogaardi Leeven , Cap. IX.

Maurits.

Sluiten