Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

der NEDERLANDEN. 271

het ontwerp van een Nationaal Synode zou verijdelen, zijne Partij (lijven, en, met het Geld, 't geen Frankrijk voor 't Krijgsvolk zou overmaaken , die van Utrecht onderheunen. 't Schijnt zelfs, dat hij met dit Hof overeengekomen ware, dat het, vooreen tijd, de Krijgsmagt zon te rug ontbieden , opdat de Prins van Oranje zich 'er niet van zou kunnen bedienen, tot onderdrukking der Vrijheid. De Voorltandors van dezelve verwagtten dit Gezantfchap met ongeduld , en verhoopten 'er alles van (*>

Te Utrecht maakte men, ondertusfchen , nog al eenigen (laat op den Colonel Joan Ogle , die over het Krijgsvolk, binnen Utrecht liggende', en (taande ter betaalinge van Holland , het bevel voerde : hém was, voor de komst der Afgevaardigden uit de Staaten van Holland, reeds aangefchreeven, dat hij niets zou doen, of voorneemen, dan 't geen hem doorde Staaten van Utrecht, of de Afgevaardigden van Holland, zijne Betaalsheeren , gelast werd. Men was ook verzekerd , dat hij de Partij van Barneveld aankleefde: en zou kloeken wederftand geboden hebben aan Maurits, indien de andere Krijgsbevelhebbers der Bezettinge , door den Prins gewonnen , hem niet verlaaten hadden (f). De Afgevaardigden

(*) Carleton , II. 273- 274. UI. 214. 225. 279. De Groot Ferantw. XIX. 459. Brandt Leeven van de Groot, bl. 131.

(t) Brandt, II. D. bi. 808. Carleton, II. 73. 81. etoo. 136. 347, 293. 305.

Maurits.

Maurits dankt de Waardgeldenaf.

Sluiten