Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

der. NEDERLANDEN. 397

gerugten , met voordagt, wegens de Gevangenen, uitgehrooid, dit alles fpelde eene treurige ontknooping. Ondertusfchen helden zij , ten zelfden tijde, dat men voor hun beefde , hunnen Regteren zulke fterke en overtuigende tegenredenen ter verdeediginge voor, dat men niet twijfelt, of ze zouden , waren ze bekend geworden, eenen diepen indruk , ten hunnen voordeele, gemaakt hebben. Maar'erwerd zo veel zorg gedraagen , om alles in 't duister te houden, dat flegts zeer weinig deonvermoeide waakzaamheid der Regteren ontfnapte. Gelukkig hebben wij de Aantekeningen van den getrouwen Franken, en die Oldenbaknevelds Gezin der Regeeringe toen overleverde, als mede de Schriften, naderhand door de Groot , Hoogerbeets en Moersbergen uitgegeevcn. Volgens deezen hadden de Algemeene Staaten, geen Souverainen in Holland zijnde, geen regt, om, in dat Gewest , een Geregtshandel aan« tevangen, of voorttezetteu. Zij waren wel gehouden , voor het bewaaren der Unie te waaken : dan de uitgehrektheid hunner magt is bepaald door de Artykelen van de Unie zelve, en beperkt door de Souverainiteit, de Voorregten der bijzondere Gewesten en der Steden , die ten eerhen grondflage der Verbintenisfe ftrekken. De Gevangenen hadden den last hunner Lastgeeveren volbragt, of te buiten gegaan. In 't eerhe geval hadden de Algemeene Staaten met de Lastgeeveren te doen; in het tweede moehen de Befchuldigden zich verantwoorden bij hunne Meehers. De Staaten van Holland waren G 3 de

Macrits.

Redenen, ten voordeele der Gevangenen bij.gebragt.

Sluiten