Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

dek. NEDERLANDEN. 39?

gen, in die haatlijke bediening te verblijven ? Wat zette hun aan, om ongelukkigen, die onophoudelijk betuigden , gij zijt onze Regters niet, wij zullen u als de zodanigen nooit erkennen , te vonnisfen (*) ?

Oldenbarneveld haalde op, hoe hij meermaalen om zijn ontflag verzogt hadt, en hoe de Staaten van Bolland de laatste reize, om hem overtehaalen, dat hij dat lastig Ampt bleef bekleeden, niet alleen zijn gehouden gedrag goedgekeurd , maar zijn perfoon onder hunne befcherming genomen hadden. Welk regt bezaten nu de Staaten van Holland, om van dit befluit aftehappen , en één hunner Dienaaren , die dus het flachtöffer werd van zijne goede trouw en Vaderlandlievende infchiklijkheid, opteöfferen ? „ Ik „ heb," was het woord deezes Mans in den Kerker, ,, den Heeren de onwettigheid onzer gevange„ nisfe vertoond, hun voordraagende, hoe kwalijk , „ weleer , van de Heeren Staaten van Holland het „ vangen van den Heer Paulus Buis werd geno„ men. Hij was mijn Voorzaat geweeet in mijn „ Ampt, 't welk hij verlaaten hadt, zijnde zederc „ verkoozen tot Raad van Staate. Te Utrecht „ werd hij, door last van Leioester, hoewel die „ 't onkende , van de Burger-hoplieden gevangen. Ik heb den Regteren gezegd , wat mijne Heeren , de Staaten van Holland, door mij, hunnen Ad-

„ vo-

(*) Zie in 't algemeen de Verantwoording van de Groot, Brandts Regt spleeging, en 't Leeven van J, van Olden-. barneveld.

G 4

Maurits.

Betuiging van Oldenbarneveldin de gevan geti is.

Sluiten