Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

der NEDERLANDEN. 48P

Hendrik Slatius betoonde den meeften ijver tot het doen gelukken van den aanflag. Hij bezat eene heftige en volkbehaagende welfpreeken* heid : dan zijn onrustig en onrekkelijk character was oorzaak, dat de Remonftranten hem voor geen Predikant hunner Broederfchappe wilden erkennen. Deeze, geholpen door zijnen Schoonbroeder, haalde drie Remonftrantfche Matroozen over , zich verbindende, om eenige Leydenaars , die den Prins zouden van kant helpen , te hulp te komen. Vervolgens bewoog hij , met van Dijk , vier andere Matroozen , zonder hun iets anders te ontdekken , of iets meer te vergen , dan dat zij de behulpzaame hand zouden leenen aan eene groote onderneeming, ten beste des Lands. Men verzuimde niet , hun te verzekeren, dat dit alles gefchiedde op heimhjkeq last van Frederik Hendrik , Broeder van Maurits , door deeze onkundige Remonftranten toen aangezien als den bedekten Voorftander hunner zaake.

De dag der uitvoeringe was bepaald. Abraham Blansaakt, Willem Parthy , en één Rotterdammer zouden Maurits te Rijswijk aanvallen , als hij in of uit zijne Koets tradt, hem met Pistoolen doodfchieten , en 'er niet uitfcheiden, voor dat de Ziej 'er uit was. Werden zij vervolgd, naa het volvoeren van dit huk, dan zouden de andere Rotterdammers en Leydenaars hun ontzetten* Om te beter den toeleg te bedekken, zouden zij tot dien tijd toe ongewapend gaan , de Pistoolen en ander moórdgereedfcbap vinden in een Koffer , 't welk ter beltem-

Ft Deel. 2. 57, N d#

MAL'Rrri;

Yver der Zatiiehzvveerdé-iren,

Sluiten