Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

der NEDERLAND EN. 535

weid op Jacatra aan , dat de Stad , horrnenderhand, werd veroverd, en, in naam der Nederlandfche Oost ■ Indifche Maatfchappije, in bezit genomen op den éénënd-ragden van Bloeimaand des jaars MDCXLX. Men flegtte de Muuren, verbrandde de Huizen , en verdelgde alles , tot den naam zeiven. Op de puinhoopen van 't vermeefterde Jacatra rees , welhaast, eene nieuwe Stad, Batavia geheeten : in volgende tijden groot en vermaard geworden , als het middelpunt van den Oost -Indifchen Handt 1 der Hollanderen , de Zetel des Bewinds , en de Koopmarkt van Indien. Naa deeze venneehering,

dwong Koen den Koning van Bantam , van den Broeke en de andere Gevangenen te flaaken (*).

De Hollanders, zich bedienende van hunne overmagt, wendden die tegen de Engeifchen, op welken zij alle reden van misnoegen hadaen, van wegen de verraaaelijke trekken, hun gelpeeld. 'tGelukte hun eenige Schepen te neemen, en zij hreelden zich met de hoop op rijken buit, wanneer zij, meer tot hunne verwondering dan hunne blijdfchap, vernamen, dat de Vrede tusfchen de Engelfche en Hollandfche Maatfchappij gefloten was. Dit Verdrag, den tweeden van Zomermaand des jaars MDCXIX. getroffen, hieldt in: „ Dat aan beide kanten de geledene onge-

lijken zouden vergeeten en vergeeven worden; dat ,s de Handel voor de Engelfche Maatfchappij , zo

„ wel

(?) Verhoef Qost-I/id. l'oyagie , bl.iafj. Du Bok, p. 3>63.

Maurtj.

Verdrag tufchen de Engelfche en NederlasdfcheOoit ■ IndifcheHaatte koppijen.

Sluiten