Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

der NEDERLANDEN.

4?

je. * Groningen en Ommelanden weigerden het

fpoor der Friezen te betreeden; doch, in 't volgend jaar, bekleedden zij Graaf Hendrik, naa den dood zijns Vaders, met de Stadhouderlijke Waardigheid. Dus, met Friesland veréénigd, ontwierpen die beide Gewesten een Berigtfchrift voor dien nieuwen Stadhouder; in 'tzelve, onder anderen , hem verpligtende , om geen regt tot de opvolging in zijne Ampten voor iemand te verzoeken ; hebbende de Staaten onlangs befloten, zulke verzoeken , van nu af aan, te houden voor ontzegd (*).

Frederik Hendrik verkreeg in de andere Gewes • < ten zo veel zeggens , dat hij , op eigen gezag , te 1 Utrecht, Nieuwmegen en 's Hertogenbosch , de Re- , geering naar zijn zin fchikte. Niemand , hoe zeer I het met de Voorregten lireedt, wilde hem, in zulke zaaken, tegenfpreeken (f). Hij wist ook te bewerken, dat de Krijgsmagt, thans meer dan honderd en twintigduizend man beloopende, niet zo zeer verminderd wierd, als verfcheide Gewesten begeerden. Doch , fchoon men , om de Bezettingen , die zeer veel Volks vereischten, te verminderen , alle Plaatzen der Kleeffche Opvolginge , behalven Emmerik, Wezel, Burik en Rees, aan de wettige Ërfgenaamen van Brandenburg en Nieuwburg afttondt (§),

werd

(•) AlTZEMA, I. D. bl. 1225- I2S8.

ff) Capelle Qedenkf. I. 437. 438. 598. (§) Aitzema, I. D. bl. 889. 1055.1056. iotJö". loSp, 1093. Refol. HM. 1629. bl. 218. 219.

Frederik Hendrik.

Jezag-

letoofi ■an Freier ik Iendkik.

Sluiten