Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

der NEDERLANDEN. 6t

belegerden kostte veelen aanzienlijken het leeven: en 'er kwam tijding , dat de Overfte Paapenheim met een groot aantal der Keizerlijke benden , tot het ontzet van Maastricht, in aantocht was. De Prins van Oranje oordeelde het noodig, Graaf Willem van Nassau, die, aan 't hoofd van eenige ligtetroupen, eene afwending maakte aan den kant van Viaanderen , waar hij de Kruis- en St. Annafchans veroverde, tot zich te ontbieden. Graaf Willem, als mede Jan Maurits , Broeder van Jan van Nassau , die in Spaanfchen dienst was, hadt meer moeds dan Krijgsgeluks. De geheele magt der Staaten was bijkans bijéén in dit beleg, en vondt zich omringd door drie vijandlijke Legers, en onophoudelijk ontrust door de dappere uitvallen der belegerden. De Overfte Paapenheim hadt zich beroemd, het beleg te zullen doen opbreeken ; maar, in twee heftige aanvallen , afgellagen , werd hij van het tegendeel overtuigd, en trok af. De belegerden , alle hoop op ontzet dervende , gaven zich over op de zelfde voorwaarden , als Venlo en Roermonde bedongen hadden. Deeze vermeestering werd ras gevolgd van die des geheelen Lands van Limburg en Overmaaze. Het inneemen van Orfoi belloot dien roemrijken Veldtocht der Staatfchen (*). Niets bragt meer toe aan deeze gewigtige en fchie-

lijke

(*) Mem. de Fred. Henrj, p. 143 157. Aikema, I. D. bl. npo-—1*44,

Frederik Hen drie.

Sluiten