Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

der NEDERLANDEN. sti

tog van Orkans, het hun niet voegde de eenigen te weezen, die des hunne vreugde niet betoonde., of de gewoone gelukwenfcbingen afgelegd hadden. Dit verwijt overdekte hen met fchaamte. „ Wij geloo„ ven niet , " voegden de Franfchen 'er nevens,' ,, dat alle de Heeren Staaten deel hebben in deeze „ handelingen. Wij weeten , in d:t Lichaam, de „ kwa'ijkgezinde Leden wel van de anderen te on,, derfcheiden. Frankrijk kan , dank zij Gode!

op zichzelven liaan: cn 't zal niet voorzigtig ge„ handeld weezen, een zo magtig Koningrijk te be-

„ ledigen." Deeze klagten , en die des Afge-

zants van Frankrijk in den Haage, maakten zo veel indruks, dat de Neclerlandfche Gevolmagtigden van ftelzel fcheenen te veranderen. De Algemeene Staa« ten leverden een Gefchrift in , bij 't welk zij beloof» den, van eene heilige wasrneeming der Verdragen des Bon Igenootfchaps niet te zullen afwijken. Hunne Afgevaardigden verklaarden zelfs den Spaanfchen , dat zij zich geen afzonderlijk Verdrag beloven moesten , naardemaal zij niets anders dan éénltemmig met Frankrijk konden handelen (*).

Zelfs booden zij zich aan tot Middelaars tusfchen de Franfchen en Spaanfchen. Tot dus lang hadden de Afgezant van Venetië en de Nuncius van den Paus* hier aan gearbeid. Zij verzogten de eerstgemelden^ dat zij zich wilden verklaaren wegens Catalonië.

De

(*) Negociat. fecret. III. p. 231. 234. 246.247. 248; «51.s88.s95. Bougeant, IV. p. 384, O 2

FkEDEÉUK

Hendrik.

Sluiten