Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

der. NEDERLANDEN. 375

verkort te weezen, of men geene buitenfpoorige eifchen hadt ingewilligd.

Het meerendeel der andere Landfchappen volgde het voorbeeld van Holland. De jongst overledene Stadhouder hadt, de voethappen zijns Ooms drukkende, zich het regt aangematigd, om x&Nleuwmegen, op eene eigendunklijke en geweldige wijze, de Wethouderfchap te veranderen. In Louwmaand des jaars MDCXLIX, trok hij , de Bezetting eerst merkelijk verfterkt hebbende, derwaards , bedankte de dienende Regenten , en zette anderen , die van zijne hand vloogen , in hunne plaats (*). De Burgers waren hoogst te onvrede over een inbreuk op hunne oude Voorregten , dien de oude Hertogen van Gelderland, en zelfs de Oostenrijk fche Vorsten, niet hadden durven beftaan. Zij bleeven niet in gebreke, om, kort naa den dood des Stadhouders, hunne Regten te handhaaven. De andere Steden van Gelderland , als mede die van Overijsfel , hielden zich aan 't oud gebruik , volgens het welk zij haare eigene Wethouders benoemden. Tiel verwierf 'er Octrooi toe van 's Lands Staaten. Lene ommekeer van zaaken , die zeer tot nadeel der Ridderfchap ftrekte , welke maar al te veel hadt toegebragt aan de bekorting van het Stede-regt in die Gewesten. — Groningen, fchoon het een Stadhouder hadt, behieldt de aanftelling der Wethou-

der-

(*) Aitzema, III. D. bl. 294. 255. Wicquef. Liv, IV. p. 207,

Willem de II.

De Steden van Overijsfel , Gelderland f Groningen en Utrecht heikrijgen ook haare Regten.

Sluiten