Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

der NEDERLANDEN. ij

verklaaring, gegrond op ontelbaare beledigingen, en op den last, aan de Ruiter gegeeven,om de Engelfehen in Africa aantetasten (*). Maar, dewiji de Koning niet één bijzonder geval bijbrengt, om deeze ontelbaare beledigingen te bewijzen, en de last, aan de Ruiter gegeeven , veel laater was dan de vijandlijkheden, door de Engelfehen begonnen, heeft men altoos deezen Oorlog aangezien voor èén der afzigtigfte trekken van de Engelfche heerschzugt en vijandlijkheid.

Het bleek den Staaten nu duidelijk, dat zij vrugtloos den Vrede gezogt hadden bij een Volk, gereed ten Oorloge. Zij waren des bedagt, om door eent iterke en vaardige toerusting zich in ftaat van tegenweer te fielten. Binnen kort was 'er eene aanzienlijke Vloot in gereedheid ; en, om dezelve te fpoe diger te bemannen , werd alle vaart. en met naam* de Walvischvangst en de Haringvaart, verbooden Men ftelde op het veroveren van Engelfche Schepel en het af haaien der Vlaggen grooter belooningen dai ooit te vooren: den z'^danigen, die in 's Lauds diens te water verminkt mogten worden, lag men merke lijke fomraen gejds toe. Drie Luitenants-Admiras len werden 'er aangefteld voor de drie Admiraliteit! Collegien. Opdam , Heer van Wasfenaar , kree het opperbevel over de ganfche Vloot , onder de nieuwen tytel van Luitenant- Admiraal -Generaal

di

(*) Aitzema , V. D. bl. 368. Rapin , Tom. IX. 1

*30. 231.

Staatj-

regeeftuNG.

Ontzig' lij'te toerustingtegen de Ergelfchen.

1 1

c

l

n ?

>.

Sluiten