Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

38

GESCHIEDENIS

Staats-

ReüüKRING.

De Vrede te Breda «eiekend.

\ i ( < »

5

3 3: »■

V 3:

3i

di

gewoon, elke daad op zichzelvcn aantemerken , en niet in deke en, die ze alle aan elkanderfchakelt (»).

Wat hier van ook zijn moge , deeze helklinkende onderneeming hadt'de gelukkigfte gevolgen , 'door het Iluiten te verhaasten van den Vrede, waar over men te Breda handelde. De Engelfehen , verbaasd door dit indringen van der Staaten Vloot in hunne eigene Rivieren, en, zich bijkans 'overal ingefloten bindende, zonder eene genoegzaame Zeemagt , om het gevaar afteweeren , lieten hunne fierheid vnaren. Het liep verre buiten de gisting dier Staatkundigen , iie meenen', dat dit bedrijf den Vrede, daar elk naar haakte, zou te rug zetten , en de Koning de waperen niet atleggen, voor dat hij dit fpijtig leed ' hadt iewrooken. De Engelfche Gevolmagtigden fpraken >p een zagter toon, welvoeglijkshalve liaan blijvenie op eenigen hunner eerde eifchen, kreegen zij van le Staaten dit merkwaardig antwoord: „ Dat de ge, moederen hunner Hoog Mogenheden, door 't ge, luk, 't welk God hunner Vloote verleend hadt, , wel geenzins waren opgezet; maar dat men niet , kon verzekeren, dat zij altoos binnen de paaien, hunner gemaatigdheid zouden blijven, en, bij verderen zegen over hunne wapenen, altoos gedaud doen , het geen zij voorheen hadden aangebooden, of toegedaan , en waar aan zij zich , voor alsnog, houden Wilden." In deezervoege weet i trots, wanneer 't geluk den moed opwekt , zich

.te

O Brandt, Leeven v*n de Ruiter, bl.. 563 enz,

Sluiten