Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ï66

GESCHIEDENIS

Staats-

Regee.

h|ng.

Onzeker> heid der Staaten.

Raadpenfionaris liet het Hof van Londen weeten, dat hij het vertrek des Ridders moest aanzien voor een blijk, dat men in Engeland van ftelzel veranderd was. In deezervoege hadt een Onderdaan , met Staatszaaken belast, door zijne bekwaamheden en deugden , meer het vertrouwen der Nabuurvolken gewonnen, dan zijn eigen Koning. Carel de II, nog niet gereed, om den Vrede te breeken, oordeelde , te moeten veinzen. Om den fchijn te geeven , als of 's Ridders vertrek maar kort zou duuren, begeerde hij, dat de Êgtgenoote en Kinderen diens Afgezants in den Haage zouden blijven; niemand werd 'er in zijne plaats benoemd. Zo vermomt zich het bedrog , en neemt de toevlugt totdreeken, die een redelijk hart verfoeit (*).

Thans konden de Staaten niet langer twijfelen aan 't gevaar, 't welk hen dreigde. Drie middelen, even zwak en onzeker, waren 'er over, om het afteweeren. —. Voor eerst3 den toorn van Lodewijk. den XIV. te ftillen , door zeer veel aan hem aftedaan. <— Ten tweeden , een magtig Bondgenootfchap te vormen tegen dien heerschzugtigen Monarch. Ten derden, hunne Krijgsmagt in een ftaatte brengen , om de aanvallen der ontzaglijkfte Legers te kunnen afkeeren. Het eerde middel kon de eer en de belangen van den Staat ten hoogden krenken; het tweede wa3 niet wel te gebruiken op een tijd,

wan-

(*) Dasnage, II. p.io/. iio. iii.

59 & 20 Soft.

Lettr.de Templb

Sluiten