Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

bei N E DËRLANDfeN. 253

afbanglijkheid , alle de voorwaarden , door eenen onverzaadelijken Overwinnaar opgefteld, onderfchnjvende (*)?

De Staaten van Zee'and , onderrïgt van dit raadpleegen over eene handeling ter Vergaderinge van Holland, hadden eene Bezending na den Haage afgevaardigd , met uitdruklijken last, om 'er zich tsgen te verklaaren* en op manmoedigen tegenliana aantedringen. Deeze vervoegde zich bij Nicoi-aas ViviBn, Penfionaris van Dordrecht , die de plaats van den Raadpenfionaris de Witt bekleedde, thans genoodzaakt het bedde te houden , wegens de won" den, hem 3 's avonds, den eenentwintigden van Zomermaand , toegebragt (f). Vivien haalde voor hun alle de redenen op, die de Staaten bewoogen hadden tot eene onderhandeling; doch de Zeeuwfchi beeren , wel verre van zich te laaten beweegen, bleeven het afkeuren (§).

Zeelands tegénftand wederhieldt de Staaten van Holland niet, om , den avond diens zelfden dagsf de raadpleegingen van daags te vooren, zonder be« fluit afgeloopen, te hervatien, eU , zonder de terugkomst der Afgevaardigden van Amfterdam , Schiedam, Hoorn, Edam en Putmerende aftewagten,

di

(*) Uit de Aanteken, van de'jPenften. Vivien en Hop, van S5 Juny 1672. Mf.

(t) Holt. Merc. 1672. bl. 87.

(§) Secn Re/el. Hol/. 1672. III. D. bl. 262. Not. Zeel 2j J any sn 13 July 1672.

«taats- i

RliGEÈ» Rli\0.

De StaS«

ten van

Zeeland

vèrïettöfli

«ich te»

geo da

h^e»

Uüg»

I r

Sluiten