Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

der NEDERLAND E fa. 259

vcöf den Lande te bezitten, 't Was dé taal dier techtfchapene Wéthouderen , den naam van Burgervaderen , én der aanzienlijke posten , door hen be« kleed, waardig: „ Zo lang 'er bloed in onze aderen „ ftroomtj zullen wij nooit gedoogen, dat onze ln« „ gezetenen het ondraaglijk juk opgelegd worde van

den wreedften Vijand. Wanneer zelfs alle ande,, re Steden flauwmoedig genoeg waren , om zich ,, aan zijne genade overteleveren > en wij ons in de 3, öoodzaaklijkheid gebragt vonden 3 om alleen we3, derftand te bieden aan de ontzaglijke Legers eens „ zo magtigen Vijands , zou het nogthans beter

zijn , met dé wapenen in de hand te fterven,

edelmoedig vegtende voor onzen Godsdienst^ 3, onze Vrouwen en Kinderen , dan onze Goederen i, en ons Leeven te bewaaren door een Verdrag s 't 3, welk ons in flaaffciie ketenen kluisterde. Wij 33 houden ons verzekerd, dat alle Ingezetenen van 3, Amfterdam in dat zelfde gevoelen ftaan. Geen

hunner, of hij is gereed, liever hetuiterftete\vaa« », gen door eene verdeediging, dan toeteltemmen in „ een Verdrag met den Vijand, op zulke fchande„ lijke voorwaarden." — Eene Regeering, zo.,emoedigd ter verdeediginge , liet de Gemeente niet onkuudig van dit oogmerk ) maar in 't hoofd eens Verbods van uitvoer van Graanen, toen afgekondigd, invloeijen, „ dat zij gereed was, de Stad, derzelveï „ Godsdienst en Vrijheid, met goed enbloed,entot 3, het uiterfte toe, te befchermen (*)." Am*

(*) Samson, T4II. p. 564. Wag. Amft.V, St. bi, 344.enz, R 9

Staats-

REGEE-

Rtno.

Sluiten