Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

dhr NEDERLANDEN. 313

men den Prins 's anderendaags verwagtte , wanneer men hem allen genoegen zou geeven. Zijne Hoogheid verfcheen , werd ftaatlijk onthaald , en de Ingezetenen , hiér mede te vrede , vorderden geene nieuwe verklaaring of tekening van de Wethouderen (*).

Te Haarlem floeg de geest des opftands , 's volgenden daags, ook over, op de tijding, dat andere Steden den Prins tot Stadhouder verheven hadden. Van gemompel kwam men tot ronduit eifchen zijner verheffinge. Het Oranje ■ Vaandel, eerst op het Stadhuis - torentje , en voorts op den Toren der Groote Kerke geplaatst, deedt de Wethouderfchap beduiten * om terftond te vergaderen , de begeerte der Burgeren intewilligen, en des door Gemagtigden den Prins kennis te geeven (f).

Delft werdt met zonderling geweld tot deezen ftap gedwongen. Op den dertigften van Zomermaand, trokken de Opgezètenên van Maasland en Maaslandsfluis , vergezeld van Schiedammers, aangezet door zekeren Predikant, of, gelijk anderen willen , door een Lid der Deiftfche Vroedfchap , ten getale van achthonderd , met flaande Trom en vliegende Vaandels * 's morgens Vroeg, op Delft aan, geraakten met Schuitjes aan en over den Wal, maakten

zich

(*) Valkenier , I. D. bl. 69Ó. Janteken, van den Pen/ion. Hop , van den 1. July 1672. Mf.

(tj) Kort verhaal van de Burgert. Oproeren in Haar* leni. Mf.

Vil. Deel. 2.St. 6

Willem

DE III,

Te Haar* lem.

Ie Delft<

Sluiten