Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

331- GESCHIEDENIS

ua 111.

uurs met hem gefprooken hadt} doch liet herigt des gei'preks luidde geheel anders. Voor eerst hadt *s Tichelaar, gewaagd van de zwaarigheden d;s „ tegenwoordigen tijds , en daaröp den Ruwaard m aangeboden iets te willen openbaaren, mits het is onder hem bleeve. De Ruwaard hadt hier op ge„ antwoord» dat hij 'tzeggen mogt, zo 'tietgoeds „ ware, in welk geval hij hem ook wel behulpzaam „ wilclc zijn ; doch was het iet kwaads, dan mogt ,, hij wel zwijgen, indien hij 't niet openbaar ge. 3, maakt wilde hebben. Tichelaar, nog eene poos „ op belofte van geheimhouding aangedrongen, en „ fteeds het zelfde antwoord bekouun hebbende, s> was heengegaan mee deeze of dergelijke woorden: „ Dewijl Mijn Heer het dm niet gelieft ie weetin, „ zo zal ik het zwijgen. Ik wensch Mijn Hier goe„ den dag." 's Ruwaards Zoon en Knegt hadden aan de geopende kamerdeur, nauwlijks dén roede van het bedde ftaande, dit afgeluifterd , cn \m terRond, eer zij den Ruwaard , of iemand anders, gefproken hadden , in deezerroegs oververteld. —• De Ruwaard zelve, dttgtomle, dat dergelijk een gefprek in een zo netelig tijdsgewricht zijnen vijanden Hotte tut lastertaal mogt geeven, hadt den Secretaris Arend Mms van Holï des verflag gedaan , met verzoek, om het den Burgemeester van 't Geregt bekend te maaken, en teffens, dat 'er op dien Tieriglaar gelet mogt worden. Deeze Geheimfchrijvef verklaarde ook, uit 's Ruwaards mond verdaan te hebben, „ dat gskere Vent, bij hem gekomen zijn»

Sluiten