Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

der. NEDERLANDEN. 443

de Nederlanders liet te kwaad zouden gekreegen ■ hebben, indien de Bondgenooten elkander getrouwlijk hadden bijgedaan. Thans moesten zij, naa een allerhardnekkigst gevegt , waar in zich alle de eislijkheden van eenen Zeedag vertoonden, zeer ontredderd, met het verlies van eenige Schepen deflagplaars verlaatcn. Zij verlooren , behalven andere Scheepsvoogden , den dapperen en voorzigtigen Spf.ag : ten tweedemaale van Schip zullende verwisfelen, werd de Boot, waar in hij zich bevondt, in den grond gefchooten , en hij verdronk, tot bijkans ouherftelbaar verlies voor de Engelfehen. .Schoon de Nederlanders geen één Oorlogfchip verlooren, hadden de Vice-Admiraals de Liefde en Sweers bij deezen ftrijd het leeven ingefchooten, als mede de Capiteinen SwÉRlNS, Visscher, Kiela en Jonker van Gelder. Men liet in Engeland vernaaien loopen van de overwinning, op de onzen behaald , en Carel de II, het Te Deum te Londen zingen ;' dan in de Nederlanden vierde men met meer gronds eenen Dankdag , en de tijd leugenftraT te eerlang de vallede berigten , in Engeland vee. fpreid (*>

De Ruiter , die met eene magt , zo veel mindei dan die der verbondene Koningen , dezelven he hoofd geboden, den toeleg der landinge verijdeld, en ze uit Zee geflagen hadt, verwierf den wel ver

dien

(f) Brandt , Leeven van de Ruiter, b!» 82p enz. Holl, Merc. 1673. bl. 135

K 2

willem be HU

Sluiten