Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

s.02

GESCHIEDENIS

WlURM III.

„ De ondervinding van alle tijden hadt vooral ge* „ leerd, dat Roomschgezinden en Hervormden niet „ te zamen in gewigtige Bedieningen konden zijn, „ zonder argwaan tegen elkander optevatten, waar

uit niet anders dan onrust kan rijzen, 't Zou wel „ een groote ramp weezen voor de verfchillende Ge-

zindheden der Qnroomfihen , zo zij onderhevig ,, bleeven aan de ITraf dreigende Wetten, indien de „ Test-Acte niet wierd afgefchaft; doch zij zouden „ deezen ramp alleenlijk te wijten hebben aan de 3, Roomschgezinden, die, terwijl zij zeiven nog on„ der de ftraf deezer Wetten lagen, den Koning zog„ ten te beweegen , om de Protefianten, huns on-

danks, te noodzaaken tot het verbreeken dervast,, Behingen, waar in de veiligheid van hunnen Gods„ dienst gelegen was. Men kon, ten minsten hun,, ne Hoogheden, zulk een ramp niet wijten, dewijl „ zij zo duidelijk verklaard hadden, dat zij zelfs den ,, Roomschgezinden, en veel meer nog de verfchil,, lende Gezindheden der Protefianten vrijheid van „ gevoelen wilden toefiaan, en niets anders beweer„ den, dan dat men de Roomschgezinden behoorde „ gefloten te houden buiten de openbaare Bedienin-

't Was een groot misverlbnd, welk Steward „ hadt doen fchrijven, dat de Roomschgezinden in de Veréénigde Gewesten tot openbaare Bedieningen „ werden toegelaaten. Duidelijke Wetten floten ze , buiten allerlei Ampten van Regeeringe en Regten. , Tot Krijgs • ampten werden zij aangenomen, om

Sluiten