Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

der NEDERLANDEN. 26?

en dat hij, dit gedaan zijnde, de reize na den Haag zou aanneemen. Doch, dugtende dat men deeze betuiging, zo vol onverfchilligheid, naar de letter zou opneemen, belloothij, in vertrouwen zich nader te ontdekken ten opzigte van 'c gevolg , 't geen hij uit het tegenwoordig beloop van zaaken wagtte. Hij ontboodt den Markgraaf van Halifax , de Graaven van Danby en Schrewsbury, en eenige andere Heeren, hun betuigende , dat hij , verzogt ten dienste des Volks overtekomen , deeze onderneeming gewaagd , en dat het wel gelukken aan zijn oogmerk beantwoord hadt; dat het nu de zaak was van de Conventie , vrijlijk verkooren en vrijlijk vergaderd, maatregelen te beraamen op de Rijkszaaken ; en dat hij 'er zich niet in gemengd hadt, uit vreeze van iets te zeggen ofte doen,'t welk hinderlijk fchijnenmogt aan de vrijheid der raadpleegingen over eene zaak van zo veel aangelegenheids ; ook hadt bij vastgefteld, geen ftap te doen, om iemand te winnen door beloften of bedreigingen. — Ondertusfehen hadt hij vernomen , dat eenigen ten oogmerke hadden , hel Rijksbewind te Hellen in handen van een Regent. Hij hadt 'er niets tegen , zo men dit voor het bests middel hieldt tot verzekering van de gemeene rust, maar moest verklaaren, dat hij deeze Regent niet ziji wilde: bleef men van dit gevoelen, men hadt het ooj op een ander te wenden ; hij kon de gevolgen vai het Regentfchap, en zou het nooit aanvaarden. — Anderen wilden de Prinfes , zijne Gemaalin, alleei op den Troon heffen , in diervoege , dat zij enk<

vo

Willem

de lil.

1

1

1

I

L

Sluiten