Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

582

GESCHIEDENIS

WlELEM BE III.

Menfchen , in Zee verzwolgen, met hunne Schepen in 's Vijands handen gevallen waren , waar uit zij, volgens het Regt des Oorlog* , zouden hebben kunnen

gelost worden Wat hier van zijn moge , de En-

gelfchen en Hollanders gaven den moed niet verlooren : zij paarden hunne raadflagen en poogingen, om Frankrijk een gevoeügen neep toetebrengen. Hunne Vlnoten, vroegtijdig in Zee, veréénigdenzich. Zij hadden pen groot aantal ligte Fregatten , Branders, Bombardeergaljooten , en andere Vaartuigen , ge. fchikt om dood en verwoesting ten Lande aanteiichten. Men poogde de Franfche Vloot in de Haven van Br est intefluiten ; doch dit mislukte, a's ook het uitlokken tot eenen Zeeflag. Zij zeilden na de Middenlandfche Zee , werwaards Russel haar volgde met het grootfte gedeelte der veréénigde Vloot. Een fmaldeel van dezelve gelukte het, in Bertrams Baay, een aantal Franfche Koopvaarders te vernielen , en twee Oorlogfchepen te verbranden. Dit was een voorfpoedfpellend begin.

Min gelukkig waren de bombardeeringen eeniger Franfche Zeehavens, toen ondernomen door negenentwintig Engelfche en Staatfche Oorlogfchepen, met eene menige Branders en Bombardeergaljooten, onder het bevel van den Admiraal Berkklei. Zij hadden het eerst op JBrest gemunt. Een aanflag, niet bedekt genoeg gehouden, om wel te gelukken. De beroemde Ingenieur Vauban hadt deeze Zeehaven zo wel verltcrkt , dat hij den Koning wegens dezelve gerust ftelde. „ De verwelfzels onder het

„ Kas-

Sluiten