Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ï$4 GESCHIEDENIS

Staats

ftheenen tegen het fluiten van eenigen Vrede , hot' genaamd, te gelden.

Doch Lodewijk de XIV, weetende, dat men dusdanige begiippen onder de Bondgenooten verfpreidde en leeVEödig hieldt, boodt aan, geene hulpe rechtftreebsj noch van terzijde, aan den Koning van Spanje te zuilen vèrleenen , en ter verzekering hier van drie Piaaizen in Vlaanderen, welken in der Staaten magt zouden blijven tot dat de overgave vaa tie Spaanfche Monarchij haar volkomen beflag hadt. De Raadpenfionaris, wien men deezen vo >rflag me» dedeelde, antwoordde, dat dit onderpand noodig, doch niet genoeg was. De Bondgenooten lieten verluiden , dat Frankrijk de toefienirniogïothet verlies van nog drie Piaarzen zou willen gcevcn, tca einde Philips meester van Spanje t ve. Heinsws bleef befteddig aanhcuden op de voorloopige Verdragspunten, volgens weBKfl Lodewijk de XIV. zijne eigen magt zou verkenen, om zijnen Kleinzoon van den Throon te helpen : hij vorderde, als eene gelijkllelling daar mede , veel groöter onderpanden, te Weeten alle Spaanfche Plaatzen, door Fransch Krijgsvolk bezet. De Bondgenooten gelieten zich de onbillijkheid van deezen eisen niet te zien; en niets was, huns bedunkens, gefchhV ter, om het groot werk des Vredes te bevorderen,—, Lodëwijk de XIV. boodt zijn Krijgsvolk uit Spanje op , om niet in de noodzaaklijkheid gebragt te worden van zijnen Kleinzoon zo laaghartig te verraaden. De Bondgenooten fchreeuwden- dat deeze ftap

eiike-

Sluiten