Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

8 april, ZAAKEN VAN

1786.

Aan de Edele Graot Mogende Heeren Staaten van Holland en Westvriesland.

Geeven onderdaniglyk te kennen de refpecVive Roomsen Catholieke Geraeentens deezer Provincie.

Dat zy Supplianten met dankbaarheid erkennen de gunst door U Edele Groot Mogende aan hun bewezen by hoogstderzelver Refolutie van den 18 Maart 1786" , waar by het aan U Ed. Gr. Mog. gunfliig behaagd heeft, aan .de refpective Bailliuwen en Officieren dezer Provincie te verbieden, om, van de Cathalieke Ingezetenen onder hunne direétie eenige penningen onder den titul van Admisfiegelden, bienvenuës, of hoe zulks ook zoude mogen genaamd worden af te vorde. ren of te ontfangen, maar dezelve hunne Godsdienst in ililte en in conformiteit van de nog in vigeur zynde Placaten, op dat fabject te laaten oeffenen; dan dat de Supplianten daar uit meede zyn ontwaar geworden, dat U Edele Groot Mogende het poindt van het annulleeren en affchaffen der jaarlykfche recognitie op nieuws hebbende gemaakt commisforiaal , by dezelve Refolutie hebben gedeclareerd, dat de Roomfche Catholieke Ingezeetenen zouden verpligt zyn , om hangende U Edele Groot Mogende deliberatien over het voorfchreeve poincl: der jaarlykfche recognitiën, dezelve te blyven betaalen , als meede de verfchuldigde agterftallen voor hec neemen der voorfchreeve Refolutie; dat de Supplianten uit de voorfchreeve claufule by de voorfchreeve Refolutie gevoegd, met leedweezen gemerkt hebben, dat daar het Recht van de Bailliuwen tot het mogen vorderen van de voorfchreeve jaarlykfche recognitiën tot nog toe was geweest indecies, behalven dat mogelyk in twee of drie extraordinaire gevallen , in voorige jaaren aan de Bailliuwen daar in geconcerneert, was gepermitteerd geworden de voorfchreve re-

cog-

Sluiten