Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

• Christelyke Openbaaringe, enz. flxsj

dienst, begelukzaligt wierd. Want, in dien ftaat, en tot dat oogmerk, was de natuurlyke Godsdienst toereikende; gelyk ik boven reeds heb opgemerkt.

Maar zoo is het, met dien Godsdienst, naa den droevigen zondenval, niet. meer geleegen! want die is, door de verandering van des menfchen ftaat , en toeftand, onbekwaam geworden, ter bereiking van dat einde, waartoe hy, zonder'deeze veranderinge, bekwaam zou zyn gevveest-

. ; §. 169.

Zegt men daarenboven: Dat de «atuurlyke Godsdienst geheel onveranderlyk is; ik ftaa het gaarn toe.

Want ik ben ten vollen overtuigd: Dat de onderlinge betrekkingen, tusfchen den Schepper , en het fchepfel, eeuwig duuren! omdat God, niet alleen, altyd Schepper, en Onderhouder ; maar de mensch ook altyd fchepfel, en af hangelyk van de Godheid, blyft; of verbonden aan die plichten, welke 'er, uit deeze onderlinge betrekkingen, voortvloejen.

Maar de onveranderlykheid van den natuurlyken Godsdienst overtuigt my van de ontwyffelbaare waarheid der Christelyke Openbaaringe ; en is daar van een fpreekend, jaa onlochenbaar, bewys.

Want, omdat God, van zynen eisch, in den natuurlyken Godsdienst gedaan , niet kan afftaanen; de mensch , hoe onbekwaam hy 'ex ook toe geworden is, door de zonde, tot O 3 hpr

Sluiten