Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

REDEVOERING. 9

terjle deel mijner verhandeling , mijn onderwerp meerder met woorden te fchilderen, dan te befchrijven.

Stelt u dan, M. H. nevens mij, de tekenkunst voor, onder de gedaante, waar onder zij doorgaands gewoon is zich zei ven aftebeeldcn: fielt u haar voor, a!s de edele Dochter van het vindingrijk Vernuft, daar zij, met een bevallig gelaat, opmerkend oog , en alle de onontbeerlijke begaafdheeden van vatbaar verftand, rijp en doordringend oordeel, vast geheugen, leevendige verbeeldingskragt, en taai geduld , op een onwankelbaaren hoekfteen gezeten, het fpitfche tekenkrijt , of de afgepuntte rietpen,met eene vaardige hand en vingeren omvat, gereed houdt, om op het gefpannen doik, of papieren veld, de gedaante, houding , en famenftanden der voorkomende voorwerpen omtctrekken en te fchetfen; door gepaste arfeeringen entoetfen, of aangebragte inëenfmeltende verwen en tinten, het licht en donker uittedrukken; fchijnbaare verhevenheeden te doen rijzen, diepten te doen wijken, natuurlijke rondingen bedrieglijk natcbootfen, door uitgedrukte werkzaamheid en bewegingen , aan het afgemaalde als het leven te geeven , en door kunst te bezielen : ten einde A 5 het

Sluiten