Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

65

Uit welk oogpunt, men dan ook dit geval befchouwen wil, het zal altoos ons tot het befluit brengen, dat de ziel van h. alfkens, op dat oogenblik, in zulk eenen deerniswaardigen toeftand was, dat dezelve niet zedelijk vrij kon zijn. ' Tot. dit befluit wordt men ook gebracht, door nog eene andere omfiandigheid, waar van wij tot heden niet gefproken hebben , en welke deze is: dat alfkens, die eerst tot het verfchriklijk denkbeeld was weggefleept, om alle zijne Kinderen om te brengen, dit befluit Hechts aan twee van dezelve heeft ten uitvoer gebracht. Hij heeft, wel is waar, weinig oogenblikken naa het derde flachtöffer, zijner uitzinnigheid gewacht : maar wat gebeurt er ? Hij bedaart, en door dit toeven herneemt zijne zedelijke vrijheid haar ontweldigd vermogen, naauwlijks kan deze weder geregeld werken, of zijne ziel kan ook onderfcheiden nagaan, welke daad hij hadt verricht. Wat was nu het gevolg daarvan? Dat hij erkent, toen zijn befluit niet verder te hebben kunnen uitvoeren, dat toen zijn hart begon te breken, en hij heP in huis niet langer kon uithouden, dat hijbezef kreeg van den gruwel, dien hij begaan hadt, denzelven verfoeidt, en zich als een misdaadiger aangeeft. — Waarom hadt hij op het oogenblik, dat hij zijne twee Kinderen ombracht, niet deze

Sluiten