Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

naar Pilatus. 310

Dord een nieuw bewijs voor die waarheid, XXIV* t Hij de zoon van God is, in zulk een zin, i niemand onder de menfchen zich dit kan eeigenen. — Gij zegt dat ik het -ben , was ;ne taal: eene wijze van fpreeken, die mij ' vooren al meermaalen ontmoet is,waar door kennen wordt gegeeven,## is zo als gif zegt; , ik ben Gods Zoon.

Toen ontbrandde 'er een gewaande heilige i rer in de heillooze boezems van deze moord-

: chtige richters. Wat hebben wij nog ge--

iigenisfe van nooden? Zo vraagen zij elkande■m, en geeven 'er geredelijk het antwoord op, I t zeer gefchikt was ter bereiking van hun :iel, want, zeggen zij, wij zelve hebben 't uit %\nen mond gehoord. — 't ls blijkbaar, dat zij U t antwoord van Jefus als zulk eene ontegen\ glijke Godslastering aanmerken, dat 'er geen joorden meer noodig waren, om dit aantewijin, ja het fchijnt zelfs, dat zij tooncn wil\k met eenen heiligen fchroom bevangen te jjn, om het kwaad te noemen dat Hij be•: 'cef.

Althans, zij keurden Hem des doods waarü(g, zij hielden raad tegen Hem,dat zij Hem dooien zouden, zo als Mattheus zegt. I En zij draalden niet lang, om het uitgevoerd |i krijgen: de geheele menigte flond op en leidde

Hem

Sluiten