Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

541

VIER - EN- DERTIGSTE OVERDENKING,

Barabbas vrij gelaaten en Jesus veroordeeld.

Matth. XXVII: 19-23.

En als hij op den rechterfloel zat , zoo heeft zijne iiuisvrouwe tot hem gezon den, zeggende, Hebt [doch] niet te doen met dien rechtvaardigen: wantikhebbe heden veel geleden in den droom om zij nen t wille. Maar de Overpriesters en de Ouderlingen hebben de 'fcharen aangeraaden dat zy zouden Barabbam begeeren , en Jefum dooden. En de Stadhouder airwoordende zeide tot haar, welken van deze twee wilt gij dat ik u zal los laten? en zij zeiden, Barabbam. Hlatus zeide tot haar, wat zal ik dan doen [met] Jefu, die genaamt wordt Christus ?

Mark. XV: 11 -14.

Maar de Overpriesters be. XXXIV. weegden de fchare , dat hijOv«ahaar liever Barabbam zoude r>'Eli,t' loslaten. En Pilatus antwoordende zeide wederom tot haar, wat wilt gij dan dat ik [met hem] doen zal, dien gij een Koning der Joden noemt? En zij riepen wederom, Kruist hem. Doch Pilatus zeiMe tot haar, wat heeft hij dan kwaads gedaan? En zij riepen te meer, Kruist hem.

Zij zeiden alle tot hem, Laat hem geferuicigt woraen. Doch de Stadhouder zeide, wat heeft hij dan kwaads gedaan? lin zij riepen te meer, zeggende, Iaat hem gekruicigd worden.

Luk

Sluiten