Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

C«0

maar aan zig zeiven. Doch hierover in eene volgende Afdeeling nader.

TWEEDE AFDEELING.

liet gtmeene gevoelen der menfehen, hoe men waaragtig gelukkig kan worden, voor gefield en getoetst.

Dat men niet waaragtig gelukkig kan zijn, wanneer men inwendig wordt ontrust, wanneer men misnoegd en niet wel te vreden is, zal nu, naar ik meene , van niemand meer in twijffel getrokken worden. Maar wat baat het te weeten , waarin het waaragtig geluk ces menfehen is gelegen, wanneer men den regten weg, om werklijk gelukkig te kunnen worden, niet, of maar zeer gebrekkig weet, en met de waare middelen daarrtoe dienftig niet bekend is? — ó! Zullen roisfehien fommigen denken, deze middelen zijn bekend genoeg; maar helaas! weinigen hebben ze onder hun bereik : — Geid! — Geld! — Rijkdommen, wie die heeft, is gelukkig! —- Maar zou dat, zonder eene behoorlijke bepaaling , wel waar zijn ? —> Jndien dit waar zij, dan is gewis het grootfte gedeelte des merschdoms zeer te beklaagen, wsnt de minden zijn rijk; de meesren moeten om hun dagelijksch brood vlijtig arbeiden , en zig,door nijvere naarftigheid , het noodige levensonderhoud bezorgen: zouden dan die millioenen van menfehen ongelukkig zijn? Maar laat ons eens na redenen

Sluiten