Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

C54)

overwel.l'gd; nooit gevoelt hij zig voldrekt ongelukkig. Hij vertrouwt een voorwerp van Gods gunst te zijn, en is verzeekerd, dat Gol zij.ie gunstgenooten, nimmer iets doet overkomen, dan het geen ten hunnen waaren beste verllfekt: dit vertrouwen verderkt hem , en beurt zijnen moed op: en, hoe drukkend en ohgüftdlg zijne uiterli'ke omdandigheden ook wetklijk zijn, inwendig nogthands heeft hij vrede, zijn hart is gerust, en hij acht zig gerechtigd om op eene gelukkige uitkomst te njbgën hoopen; welke God, dien hij, van wegens zijne deugd en braafheid, zijn' vriend en vader mag noemen, eerlang zoude kunnen geeven. Deze hoop, op zulk een vertrouwen gegrond, geeft hem moed, en delt hem in ftaat, om, te midden van zijne wederwaardigheden , met bedaardheid en beleid te handelen; de beste gemoedsgedelctenis voorzeeker, om door natuurlijke middelen, en langs natuurlijke wegen, zijnen ongelukkïgen toedand te kunnen verbeteren. En, hoe gering zijne hoop daartoe ook moge zijn, als Christen, ziet hij verder, dan op dit tegenwoordige leven ; hij weet, dat met zijn dood , alle zi'ne Wederwaardigheden niet flegts gantschlijk ophouden, maar dat de Rechtvaardige God, die een belooner is van alle braaven en deugd* zaamen. hem in het leven, naa dit leven, voor zijn hier overgebragt, en geduldig verduurd lijden, ais Gpd zal beloonen. — Kan nu wel een zodanige, die zulk een vertrouwen , en zodanig een gegrond vooruitzicht heeft, hoedanig zijne tijdelijke omdandigheden ook zijn mogen, wel ooit voldrekt on-

ge-

Sluiten