Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

REDÉN VOERING. 6$

Hebben wij redehen, om den Hesre, den Koning der Kerke, met blijdfchap te danken, dat Hij de harten van die beide Koningen bewoog, om zich de belangen van 't Christendom aantetrekken; wij mogen ons ook verheugen over de pogingen van zoodanige Maatfchappijen , die, met vereende kracht, voor de waarheid der Euangeiieleere ftrijden, en zich met ijver en verftand tegen het ongeloof aankanten.

Daar

gen über das Edikt vom 9 JuliJ i?S8, die ReligionsVerfaiTüHg in den Preuszifchen Staaten betredend. — Dit gefchrift gaf aanleidinge aan eenen ongettoerrlden tot het uitgeven van een werkje, waar van de titel is: Was hl Gcwciflensfreyheit? Und wie weit «rftreekt fich die macht des Monarchen in Religionsfachen? Eine antwort anf die freimüthige betrachiungen enz. Berlin 1788. Ook liet J. S. Semiet te Halle , in 't zelfde jaar , drukken: Vertbeidigung des Königl. Edikts vom 9 Julij 1783 wider die freimüthige bctrachtungen eines ungenanntert. - Naderhand zijn meer andere fchriften voor en tegen 't Koninglijke Edikt uitgekomen , gelijk mij, uit de Hoogdnitfche tijdfehriften, gebleken is,

E

Sluiten