Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

C H )

Hoe meer wij Gods bevel inzien, zoo veel beminlijker

het ons wordt. Het is niet,geloof uitverkoorne,maar,

geloof zondaar. De verborgene dingen zullen wij dan

voor God laten, zondaars zijn wij allen, daar in vinden we onzen naam, en, als we ons als zóódanigen laten zaligen, dan zullen we die taal voeren: God heeft ons gekend,

eer wij waren, toen zag hij ons aan in Zijnen Zoon!

Eeuwige liefde! eer vergete mijn rechtehand zich zelve, eer ik u vergete!

Voldoen wij derhalven aan Gods bevel, dan worden wij zalig. Het geloof vereenigt ons met Christus, het verzekert ons van de beloften, • ■ ■ maar ook het bereidt ons voor den hemel. —- Geloof ik het euangeli, dan begin ik hier die deugden te oefenen, die ik in den hemel eeuwig vertoonen zal. Dan klimt mijne liefde voor God, . dan vermaak ik mij in het beste deel —— dan houde ik

reeds den eeuwigen Sabbath dan zing ik reeds hemel

liederen dan zie ik alle de volheid van Gods Zoon

voor mij dan blijft hij eeuwig de mijne. — o

Hemelpoort! verrukkende gedagte ! .——- bemiulijk geloof! gij voert mi; ten hemel!.... Hoort menfchen!

Zo fpreekt jehova zelf: 'k heb u mijn' Zoon gegeven, Al wie in hem gelooft, zal eeuwig zalig loeven ;

En die mijn zoon verwerpt, verwagte een eeuwig leed.

'kHeb in uw' dood geen lust — dat zweer ikmeteeu'eed!

Sluiten