Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

C w >

fterker dringt, bij uw zwart zondenregister,- bij de vloekeü der wet, bij den mededoogeloozen dood, bij het eeuwig flotvonnis, eer gij fterft, leert lferven. — Och dat ge in uw jongfie oogenblikken met den ouden jacob,op den geloofsflaf leunende, moogt aanbidden, met simeon heenen gaan in vrede ! Dat weusch ik u, grijze Vaders 1 grijze Moeders! dat wenfchen u alle reizigers naar den hemel! — De engelen zouden 'er over lof zingen, en wij, wij zouden u wederzien in een nooit verwelkend, altijd groenend, hemelleeven.

Gij, die juichen kunt met onzen Grijsaard, je sus is voor mij opgeJiaan! — \i\] leeft en ik zal leevenj ■—zingt lof- en dank- en prijs- en zege-liederen ! Zingende ja zingende kunnen wij den dood te gemoete zien, nu jesus voor ons en dood en graf overwonnen heeft. Door het gelove is deze overwinning de onze. Befprengt met zijn bloed, en verfierd met het kleed van zijne onfchuld en gerechtigheid, kan de dood ons geen kwaad doen. In jesus arm zullen we zacht ontflapen, en onze ziel gelaten overgeven aan denZegevierer over dood en graf. Juichende treden wij uit dit traanendal in het eeuwig- blijdfchap-kweekend leeven: Want wij zijn verzekerd, dat nog dood, nog leeven, nog engelen, nog overheden , nog magten , nog tegenwoordige nog toekomende dingen, nog hoogte, nog diepte, nog eenig ander fchepfel ons zal kunnen fcheiden van de liefde Gods, welke is in jesus christus onzen Heere (*).

Ook zal een geduurige overdenking des doods de vrees voor denzelven allengskens verminderen. Voorzeker, mijtl medebroeders! hoe nauwer wij ons met den dood vereenigen , zoo veel begeerlijker hij ons zal worden. Hoe meer wij hem inademen en in ons binnenfte gewaar worden, zoo veel te meer zal hij in onze oogen het verfchriklijke verliezen, en onze afnemende dagen zullen ons zoo veel waardiger zijn , dewijl ze ons tot de eeuwigheid doen naderen. Paulus, die betuigde: ik fterve alle dage, (f) heeft gewis dagelijks den dood van nabij befchouwd. Althans hij merkt hem eindelijk aan, als een bevoorderaar van zijn geluk. Sterven ïs hem gewin (,§). Voortreflijke paulus! u zullen wij navolgen ! Voordaan zullen wij ftreeven naar den hoogden roem van edele zielen , eene manlijke verfmaading van allen fchrik voordood en graf. Laat ons dan, mijne medereizigers! dikwerf gaan naar het fferfbed van den christen. Terwijl wij daar onzen zwakken vriend behulpzaam zijn, het zinkend hoofd onderlteunen,en, onder de lieflijkfte troostredenen, het klamme

CÖ Rom. VBJ: 38,39» W l Cor. XV; 31. (£> FWp. I: ar.

Sluiten