Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

C 299 )

trommen onder den ijzeren fceprer van den roofgierigen en onverbidlijken dood; treed geene vreemde hulp toe;ik verga, ik fterf in mijne zonden!

Evenwel wil de hemelfche Oppermagt, langmoedig,mij verootmoedigen fpoorflagen tot voorzigtigheid, behoedzaamheid; tijdgewiu, uitftel, ernftige vermaaningen! De fchrikbeelden van zoo veele onrechtvaardig geftorvenen,en nog meer dringende waarfchouwingen en treffende herinneringen konden mij niet treffen, en wonnen geenen ingang in mijn hart. Het is waar, ik heb wel niet altijdopzetlijk,met voorweten,lust en vergenoegen gezondigd; ik overtrad echter veelvuldig: het is waar, mijne ongerechtigheden zijn meêr dan mijne hoofdhairen. De Godheid haat ze en moet ze eeuwig haaten, om dat zij heilig en rechtvaardig is. Mij, eenen grooten zondaar wil zij, die mij verhoogde vernederen ; mij waarachtig verootmoedigen, en door ongeveinsde verootmoediging tot mijne waare verbetering opleiden, 's Hemels goedheid is het,

nog beiia ik ik was geheel in den druk omgekomen,

zo zij mij verlaten en troost geweigerd hadt. Ik zal de Godheid erkennen, die mij ter nederwerpt, haare weldaaden zal ik roemen, zoo lang als ik nog beu.

Moet ik dan nu fterven in den besten bloei des leevens, en mijne dagen zien ten einde loopen, en zoo plotsling uit de armen van mijne waarde aangehoorigen worden weggerukt? Zouden de artzenijen dan ook niets meer vermogen ? zal ik, als geheel verlaten, nu de weinige kragten, die ik nog overig heb, verliezende, mijnen geest uitblaazen? Moet ik, tot de poort der helle gevaaren , een roof van het fomber graf worden? is het getal mijner dagen hier? Zal ik dan niet langer mijne waardfte vrienden verzeilen? en moet mijn weg een beftendige angst en vertfaagen zijn? Deze krankheid rukt mij gewis uit de reien mijner bekenden en fcheurt mij van het hart der bloedverwanten, en berooft mij van al't geen mij eertijds enkel lust en vergenoegen was! Ik moet dan fterven! Ja mijne ziel! misfehien verlaat gij welhaast deze brooze hutte ; welPp 3 haast

Sluiten