Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

C 223 )

door eenen ruim driejaarigen vertrouwlijken omgang wel hadt leeren kennen, zoo trouwloos en helsch te behandee lên. Ledenklijk moet hierbij worden,hoe judas zulk eén belluit nemen en het uitvoeren konde. Moest hij niet op de daad zelve en op de treurige gevolgen letten, welke dezelve hebben konden ? Moest hem geene angstvallige vrees bekrui'- :r bij het volvoeren van zijn voornemen? wat hadt hij te voorzien, bij aldien het hem mogt misiukken , en wat flondt hem. te duchten van zijnen goeden Meester, van de overige Apostelen en van de ventandige wereld, zo hij al in dit zijn grouwelftuk gelukkig flaagen mogt? Zoi.de hij,bij aldien hij alles genoegzaam overdachten te vooren beredeneerd hadt, niet afgefchrikt en onbekwaam geworden zijn om deze fhoode daad te verrigten? Het is waar,de fchendaad door judas gepleegd,blijft altijd een onverandwoordelijke en doemenswaardige daad, en zulks nog meer, wanneer men hem in die betrekking befchouwt, waarin hij tot jesus, zijne mede Apostelen en tot zijn ambt en pligt (londt. Intusfchen moeten wij hier zoowel het charafter van judas op zich zelve,en zijne heerfchende hartstochten,als de listige aanleg van het looze Priesterfchap en vloekraad van Jerufalem ,en de goede gedachten,welke judas van zijnen grooten Meester koefterde , bedendig op het oog houden, en dit alles wel niet zoo zeer om judas te verontfchuldigen, als wel om hem niet meer te bezwaaren,terwijl hij in dezen als een godlooze en doemwaardige verradeling te werk gaat. Naar het verhaal der Luangelisten bevondt zich jesus in den hof Gethfemane, na dat hij allerki bitter lijden hadt doorgeftaan en tot zijne discipelen gezegd , dat hij nabij ware , die hem verraden zoude, zich nog bezig houdende met zijne vrienden te onderrigten en wegens den aannaderenden Dag te verwittigen, dat judas toen kwam aan het hoofd van eene groote gewapende bende, vergezeld van de dienaaren der Hoogepriestereii en Pharifeuwen, OudHen en Schriftgeleerden, dat zij zieh van zwaarden, Hokken en lampen voorzien, en moorddaadtg genoeg hadden uitgerust om den onfchuldigen jesus te overmeesteren, die zich niet zoude verweeren en zich hunner handen niet wilde ontwringen, fchoon hij zulks we! hadt kunnen doen. De gewapende magt, vrij zeker onder het geleide van éénen van jesus vertrouwlingeu, en dat haare onderneming, niet zoude mislukken, volgde gerust den verrader , die saar, ais een getrouwe veldoverile, eene zekere leuze gege*

Sluiten