Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

het boek JOB. XXV. 93

Verdrogen hunne fappen, [itraks] befluk hen,

gelijk allen, het graf: Als rijk getopte airen worden zij gemeden. 15 Is dit niet zo? Wie overtuigt mij van leugen? Wie brengt mijne rede tot niet?

XXV.

I BlLDAD.

a Bij God is heerfchappij, en ' ontzachlijke grootheid;

Zijne verhevene wooning houdt hij in vreede.

3 Oneindig is zijner heirfcharen tal;

Wie wordt door zijn licht niet beflxaald?

4 Zoude dan een fterveling fchuldloos bij God

zijn,

En zuiver de mensch van eene vrouwe geboren?

5 Zie de maan! Ook deeze fchijnt niet hel¬

der;

Zijne oogen fchouwen de fterren niet zuiver:

6 Hoe

Sluiten