Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

146 AANMERKINGEN.

fcheid er uit met fpreken, en zal wachten? dat gij zegt wat gij weet. Hier fchijnt Elihu te hebben opgehouden met fpreken , om te zien, wat Job zoude inbrengen. En na eene korte wijl , toen Job , door droefheid overilelpt , zweeg, voer hij misfehien voort zo

als men in het vervolg leest. In het

laatfte lid van vs. 33 volg ik eene andere af? deeling van den zin, dan men gewoonlijk, op het voetfpoor der Maforethen, gewoon is.

vs. 36. Vergelijk over dit vers het aanhangfel

XXXV.

vs. 2. Job had wel nergens gezegd, dat hij rechtvaardig, en God onrechtvaardig was; maar Elihu wil alleen te kennen geeven, dat Job zo gefproken had, als of hij zich zeiven onfchuldig, en God integendeel onrechtvaardig gekeurd had. De fterke en waarlijk harde betuigingen van Job nopens Gods handelwijze met hem hadden hem daartoe aanleiding gegeven. Eigenlijk ftaat er; ik ben rechtvaardiger dan God, dat is ik ben rechtvaardig,

God

Sluiten