Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

«• 143 •*

't geheel niet lijkent, dat de menfchen zich verbeteren ; ik ben overtuigd, dat Gij nog gelooft, 't geen Gij toen voor waar hielde, to<m Gij nog onder Catechifeermeesters handen waart; dat Gij in het Rijk der weetenfehappen nog op dezelve plek ftaat waar Gij u bevondt , toen Gij van de Academie gefpeend wierdt, en dat Gij geen voetbreed verder zijt voortgegaan, dan u de Nieuwspapieren als bij het hair gefleept hebben. Maar, moet dan elk zo denken als Gij denkt, en zijn' fmaak over de leest van den uwen fchoeijen ? Moet men dan aan den Vader der onwaarheid, het eene plaifier na het andere doen , en zich zorgvuldig wachten van hem ooit displaifier te ver. oorzaaken, door de Mistreden die begaan zijn optezoeken , aantetoonen en te verbeteren ? Moet men dan geduurende zijn geheele leven, als eene Gans en als een Schaapshoofd voortwandelen, en tot aan het einde een Monnikskop blijven ? Alle menfchen zijn zo gauw niet als Gij zijt. Want Gij zijt in ftaat, om de allerduifterfte en moeijelijkfte plaatzen, die in dat boek waarvan Gij gewaagt, in 't hebreeuwsch gevonden worden , knaphandig door middel van eene hebreeuwfeh- duitfche Vertaaling,die Gij zelfs alzomin als het hebreeuwsch verftaat, zo op te helderen, zo ligt en zo gemakkelijk te maaken , dat de menfchen die u hoo-

ren

Sluiten