Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

MO

ging een fra-aije 'Specht («) op óns fchip zitten, en wierd met de hand gevangen.

Den lödên OStober bevonden wij ons op de Reede van CJiristiaansburg, de eigenlijke plaatsonzer beftemminge, naa dat wij bijna zestien weeken op weg geweest waren, waarin niemand voet aan land gezet had. Aanftonds kwam een groote Cano of boot, van een geholden boom gemaakt, met 15 Negers bezet, van land roejende en zingende, na ons toe. De fchepen, op de kust Guinea handel drijvende, zijn genoodzaakt, e'e'ne of anderhalve Mijl van het land af hun anker uit te werpen, dewijl het hier zeer ondiep is, en zij bij een opkomenden Travat, zeer ligt, in de branding Qb) kunnen vallen,als wanneer een fchip volftrekt verlooren gaat. Wij tracteerden onze Negers O) op Brandewijn,den hen zo aangenaamen drank, en de Kapitein voer toen, met de Pasfagiers en hen na land.

Te vergeefsch hebben de Europeè'rs,met hunne fcherpe kleine vaartuigen, door de branding getragt aan land te komen; want het vaartuig wierd bijna altijd omver gefmeeten. Ons fchip was in minder, dan drie kwartier uurs, tot aan de branding geraakt.

Da

Ca~) Merops viridis. linn, (£) Barre, Barning.

JCTe onrecht in Duitschland Moot'en genoemde.

Sluiten