Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

DE OUDE* KEUKEMEID. TOt-

Dan, 't hooge woord dat moest er uit. I Ik ftond te vry ven op haar kamer;

Ik zei haar toen ook myn befluit: I ,, Gy meent het niet, fprak zy; wat hamer,

„ Marry! wel meid, dat's onverwagt. J „ Nu mag ik inderdaad wel vraagen,

,, Wie. heeft u dit in 't hoofd gebragt? ij 'k Dagt dat jy hier grys hair woudt draagen.

« Jy weet ik wil je fchade niet; , „ Maar dit moet gy ook evel weten, „ 't Is al geen voordeel 't geen zo hiet; „ Daar veel winst is, wordt veel verfleten ".

Doch 't was of 't my was opgeleid; I 'k Moest by een Burgemiester wooneu,

En dat, let wel, voor keukenmeid; 1 Myn. dienst die zou men mild beloonen.

G 3 Ik

Sluiten