Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

( 391 )

wiee gedachten van denk graag over de zonde tegen den Heiligen Geest. Offchoon wij niet in allei

met hem inftemmen, hebben wij echter zijne gedachte willen mededeelen, om den Bijbelminnaar ook over dit onderwerp iïoffe te verfchaffen voor zijnen waarheidzoekenden Geest. . ; , , ,

Wij moeten ons egter ten hoogften verwonderen, dat men ook over dit onderwerp, zoo veel papier nutteloos

verklad en zijnen tijd ijdel verfpild heeft. Wij

menfchen willen doorgaans bij de eenvouwige letter van den Bijbel niet blijven. Het weeldig vernuft, aangefpoord door het hoogmoedig hart, bedenkt allerlei nieuwe vonden om een fchijn van geleerdheid te vertoonen, en,

ten koste van de waarheid, de wereld te misleiden.

Wat heeft ook de Dweepzucht niet al uitgevoerd over

dit onderwerp! 't Lust ons niet, de ijdelheden op

te tellen;' de tijd is voor onze Lezeren en voor ons zeiven daar toe te kostelijk.

Niets,dunkt ons, is eenvouwiger, dan het geen ons over

dit onderwerp is aangetekend. Wij zijn verblijd, hier

in de toeftémming van den geleerden Profesfor van ha. melsveld te befpeuren. Zijne Vertaaling van het N. T. opeuflaande, vinden we onze gedachten volkomen bevestigd en alle zwarigheden weggenomen. —i Zoo

luidt'zijne Vertaaling, die hij geeft Matth. XII: 31,

32' Maar even daarom zeg ik u ook: alle zonde en 'lastering kan den menfchen vergeven worden; maar " de lastering van den Geest, [die zich zichtbaar ont" dekt in zijne werken,] zal den menfchen niet vergeven " worden. — Schoon iemand zelfs een woord fprak " tegen den Zoon des menfchen, [in zoo verre hij dien " niet hooger aanzag, dan een Zoon des menfchen,] het kan hem vergeven worden, maar die den Heiligen " Geest, [zich in Godiijke daaden openbaarende] tegen" fpreekt, zulks zal hem noch hier, noch namaals verge-

" ven worden. Erkent dan, dat de boom goed is,

" en zijne vrucht goed; of zegt rond uit, dat de boom ' zoo wel als zijne vrucht kwaad is; [hier is geen derde,]

" want aan de vrucht wordt de boom gekend."

De zin is: Indien iemand zich aan mijn' perfoon, bijzonder in dezen mijnen nederigen ftaat, ergert of floot, miine wonderwerken, als bewijzen mijner Godiijke zen1 ding,

Sluiten