Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

K 152 y

ftemotien, zeggen de Leden van den Hove; „ indien „ daar in wordt re werk gegaan uit — gunt of on„ gunst van die geene, die , voor een tijd, aan hét „ roer der Regeering zitten , of op dezelve invloed „ hebben , — indien men daar in toegeeft aan — „ parijfchappen , aan een bloot verfchil van gevoe„ lens over zaaken , die dikwils met de bediening „ van zoodaanig Ambt geene connesie hei ben , — ,, dan zoude het Schip van Staat fchade lijden." Verder: „ Het ontzetten van iemand van zijn Ambt', 9, en daar door van zijne middelen van beftaan , z,on99 der groote en 'wezenlijke noodzaak , heeft iets zoo „ hards en onredelijks in zich , en het vermenigvul9, digen van diergelijke voorbeelden ftrijJt , op eene „ zoo in het oog loopende wijze, tegen alle gezonde .„ Sraatkumle, en tegen het belang van de ondernee„ mers zelve , dat men in kalme tijden — daar voor ,„ niet zeer behoeft te vreezen. Het grootfte mis„ bmik daar van gebeurt derhalven in tijden van par„ tijfchap, — maar geen Land kan immer op den duur -„ behouden blijven , zonder dat men te rug komt tot „ principes van difcretie , van moderatie, en van waare billijkheid en rechtvaardigheid" Ik bedwing mij, om niet, buiten noodzaak, langer te worden, van meerdere uktrekzels, en verzendeden .weetgierigen tot de aangehaalde, en eene meenigte van andere Hukken zelve, en zal 'er niets meer bijvoegen, dan alleen , dat iemand zich misfchien behelpen zou met Rcvolutionare tijden* waar in men Revolutionair mag bandelen , maar dan zou ik de Wethouders en Raaden van Rotterdam voor Mij laaten antwoorden die, in zeeker Adres aan de Burgerij, geplaatst in het Bijvoegsel tot de Rotterd. Courant van 1 Oct. 1795, ,met_ zoo veele woorden zeggen: „ Hat Revolutionair .„ niet anders dan een ftopwoord is, en niet gebeezigd j, wordt , dan wanneer een zaak door geen gezond „ verfland ij goed te maaken." En hoe zoude ik beter en onberifpelijker kunnen antwoorden, dan met de letterlijke uitdrukking mijner eigene Plaatzelijke Regeering zelve?

_ Doch, ik fchaam mij bijna, Eerwaardige Vergadering! dat ik zoo breedvoerig ben in het opgeeven van gronden, die ter mijner verdeediging en verlangde her-

ftel-

Sluiten